Bestelauto en fiscus in 2017

10 vragen en antwoorden over de bestelauto en de fiscus in 2017. 

1. Welke bijtelling geldt er in 2017 voor een bestelauto?

Voor de bijtelling op een bestelauto geldt in 2017, evenals voor personenauto’s, een standaard bijtellingspercentage van 22% van de catalogusprijs inclusief btw en BPM. Voor personen- en bestelauto’s met een CO2-uitstoot van nihil (volledig elektrische auto’s) geldt in 2017 een bijtellingspercentage van 4%. Op auto’s met een datum eerste toelating vóór 2017 blijft het uitgangspunt dat de bijtelling 25% is. Eventueel kunnen daar dan nog CO2-afhankelijke kortingen op van toepassing zijn. Specifiek voor bestelauto’s zijn er diverse uitzonderingsregelingen van toepassing. Die komen hierna uitgebreider aan de orde.


2. Geldt de afkoopregeling van 300 euro nog in 2017?

Voor bestelauto’s die doorlopend wisselend gebruikt worden door verschillende werknemers, geldt een eindheffing in de loonheffingen. Die eindheffing bij de werkgever bedraagt € 300 per bestelauto per jaar. Er mag in dit geval geen sprake zijn van één vaste berijder en ook mogen de wisselende berijders geen vast reispatroon hebben. Voor deze regeling mag de overdag wisselend gebruikte bestelauto ook niet door één vaste berijder gebruikt worden voor woon-werkverkeer. Privégebruik is wel mogelijk, daar is immers de eindheffing voor voldaan. Het feit dat het geen vaste auto van een werknemer is, zal er in de praktijk vaak voor zorgen dat het privégebruik beperkt is. Dat verklaart ook het gunstige bedrag van deze afkoopregeling.


3. Welke bestelauto’s zijn uitgezonderd van de bijtelling?

Bestelauto’s die nagenoeg uitsluitend ingericht en geschikt zijn voor goederenvervoer, bestelauto’s waarvan werknemers buiten werktijd geen privégebruik kunnen maken omdat deze bestelauto’s op de zaak achterblijven, en bestelauto’s waarvoor een overeenkomst met een verbod op privégebruik is gemaakt tussen werkgever en werknemer, zijn uitgezonderd van de bijtelling. Bij het tot stand komen van de regeling voor bestelauto’s die nagenoeg uitsluitend geschikt zijn voor goederenvervoer, is vooral gekeken naar bestelauto’s met alleen een chauffeursstoel. In bijzondere gevallen kunnen echter specifiek ingerichte bestelauto’s mét een bijrijderszitplaats ook onder deze uitzondering vallen. Bestelauto’s met een dubbele cabine vallen echter nooit onder deze uitzondering. De bijtelling is ook niet van toepassing bij een aantoonbaar privégebruik van maximaal 500 km per jaar of bij gebruik van een “verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto”.


4. Kan ik ook zonder rittenregistratie de bijtelling voorkomen?

Als een bestelauto van de zaak niet privé gebruikt worden, kan de tegenbewijsregeling van de bijtelling gebruikt worden. Uitgangspunt is dat met een sluitende rittenregistratie wordt aangetoond dat de bestelauto op jaarbasis voor niet meer dan 500 km privé wordt gebruikt. Als de bestelauto zelfs helemaal niet privé gebruikt wordt, kan een rittenregistratie achterwege blijven. De werkgever kan dan samen met de berijder een zogenaamde ‘Verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto’ aanvragen bij de belastingdienst. Als de belastingdienst het vermoeden heeft dat de bestelauto voor privédoeleinden wordt gebruikt, wordt contact gezocht met de werknemer en werkgever. Zij krijgen de mogelijkheid het zakelijke karakter van de rit aan te tonen. Lukt dat niet, dan volgt een naheffingsaanslag. Als de werkgever niets te verwijten is, wordt nageheven bij de werknemer. Kan het zakelijke gebruik wel aangetoond worden, dan blijft de auto bijtellingsvrij.


5. Telt de BPM nog steeds mee voor de bijtelling?

 De bijtelling op een bestelauto wordt geheven over de prijs inclusief btw en BPM. Allerhande aanpassingen die na afgifte van het kenteken aan de auto worden aangebracht, tellen echter niet mee voor de bijtelling.


6. Wanneer ben ik als ondernemer vrijgesteld van BPM?

Bestelauto’s van ondernemers zijn vrijgesteld van BPM. Het betreft dan degenen die voor de heffing van btw als ondernemer zijn aangemerkt. Of eventueel een btw-vrijstelling van toepassing is, maakt daarbij niet uit. Bij deze BPM-vrijstelling geldt wel de voorwaarde dat de auto voor minimaal 10% zakelijk wordt gebruikt. Ook op geleaste bestelauto’s geldt de BPM-vrijstelling. Voor bestelauto’s in de verhuur of short-lease geldt de vrijstelling ongeacht wie de feitelijke gebruiker is, als de contractduur niet langer is dan vier weken. Voor langer lopende contracten moet de leasemaatschappij kunnen aantonen dat de auto wordt gebruikt door een ondernemer die zelf ook de BPMvrijstelling zou krijgen als hij de bestelauto gekocht zou hebben. De leasemaatschappij heeft hiervoor een zogenaamde “ondernemersverklaring” van de gebruiker nodig.


7. Wat gebeurt er bij inruil met de BPM?

Als binnen vijf jaar na inzet van de bestelauto niet meer aan de voorwaarden van de BPM vrijstelling wordt voldaan, bijvoorbeeld doordat het zakelijke gebruik stopt omdat de auto wordt ingeruild, hoeft dat niet per se te betekenen dat er alsnog BPM verschuldigd wordt. Als de auto wordt verkocht aan een andere ondernemer, in geval van inruil het garagebedrijf, kan de zogenaamde doorschuifregeling worden gebruikt. Koper en verkoper tekenen er dan voor dat de voorwaarden van de BPM-vrijstelling op de koper overgaan. Er is dan geen BPM verschuldigd en de vrijstelling loopt door bij de nieuwe eigenaar. Bij verkoop aan een particulier moet de dealer de rest BPM aan de particulier factureren. De fiscus zal de laatste koper met een vrijstelling (in dit geval de dealer) een BPM naheffing opleggen voor de rest BPM.


8. Welke investeringsaftrek krijg ik op een bestelauto?

Op de koop of financial lease van een nieuwe of gebruikte bestelauto is de zogenaamde kleinschaligheidsinvesteringsaftrek van toepassing. Met die regeling krijgt de ondernemer die in een bestelauto investeert recht op een extra aftrekpost, bovenop de afschrijvingslasten en de gebruikskosten van de auto. De kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA) is afhankelijk van de omvang van de investeringen in het betreffende jaar en bedraagt maximaal 28% van de investering. Naast deze KIA kan er nog meer investeringsaftrek van toepassing zijn. Dat betreft dan nieuwe elektrische bestelauto’s (36% milieu-investeringsaftrek op investeringen tot €75.000), nieuwe aardgasbestelauto’s (13,5% milieu-investeringsaftrek over de helft van de investering) en nieuwe bestelauto’s met halogeenvrije transportkoeling zonder eigen dieselaggregaat maar met lithiumhoudende accu’s. Voor die laatste categorie geldt op de auto zelf een milieu-investeringsaftrek van 27% over maximaal € 16.000, aangevuld met 55,5% energie-investeringsaftrek op de zonnepanelen. Deze aftrekposten kunnen naastelkaar worden toegepast. 


9. Als ik mijn bestelauto pas volgend jaar krijg, krijg ik dit jaar dan al wel de investeringsaftrek?

 Het percentage investeringsaftrek is afhankelijk van het totale investeringsbedrag in een bepaald jaar. Als verwacht wordt dat er in een volgend jaar veel geïnvesteerd zal worden, kan een deel van de investeringen wellicht naar voren gehaald worden. Hierdoor kunnen de aftrekpercentages van de investeringsaftrek optimaal benut worden. Voor het bepalen van de hoogte van het percentage investeringsaftrek is de datum van het aangaan van de verplichtingen van belang: het tekenen van de order. De aldus vastgestelde investeringsaftrek kan dan afgetrokken worden in de aangifte van jaar waarin de bestelauto in gebruik wordt genomen, of in een eerder jaar voor zover er al aanbetaald is.


10. Kan ik de bestelauto beter privé of zakelijk boeken in mijn administratie?

 De bijtelling wordt berekend over de nieuwprijs van de bestelauto, inclusief BPM en btw. Dat kan met name bij ondernemers die investeren in een door henzelf privé en zakelijk gebruikte bestelauto de vraag met zich meebrengen of het zinvol is om de auto niet zakelijk, maar privé aan te schaffen. Bij zakelijke aanschaf zijn alle kosten aftrekbaar, is er eventueel sprake van investeringsaftrek, maar geldt ook de bijtelling. Dat kan een prima afweging zijn, vooral als er relatief veel privégereden wordt.

Als er relatief veel zakelijke kilometers zijn, dan kan het echter ook voordelig zijn om de auto privé aan te schaffen. Ondernemers die zelf als ondernemer zijn aan te merken voor de btw (zoals zzp’ers en ondernemers met een eenmanszaak), kunnen ondanks de privéboeking voor de inkomstenbelasting, de bestelauto voor de btw toch tot hun btw-ondernemingsvermogen rekenen en btw-aftrek krijgen. Ook geldt dan de BPM-vrijstelling voor ondernemers en het lage mrb-tarief voor bestelauto’s.

Voor alle zakelijke kilometers kan dan per kilometer 19 eurocent van de winst van de zaak afgetrokken worden. De bijtelling is in dit geval niet van toepassing. Bij aanschaf van een occasion kis dat extra belangrijk, omdat de bijtelling berekend wordt over de catalogusprijs van de auto. Het antwoord op de vraag welke keuze het meest voordelig is, hangt vooral af van het aantal zakelijke en privékilometers, de prijs van de auto en het geldende belastingtarief.


Toon prijzen:


De prijzen op de website staan standaard op excl. BTW, BPM en kosten rijklaar maken. Naar wens kunt u kiezen voor de vertoning van prijzen incl. BTW, BPM en kosten rijklaar maken.